Meer
Publicatiedatum: 28-05-2020

Inhoud

Programma onderdelen

Kadernota 2020

Inleiding

Conform artikel 5 van de Financiële Verordening gemeente Boxmeer bieden wij u hierbij de Kadernota 2020 aan. Deze nota behandelt de kaders van het financiële beleid voor de periode 2021-2024. De Kadernota vormt de basis voor de begroting 2021, zoals deze in het najaar behandeld zal worden. Hiermee wordt de gemeenteraad in een vroegtijdig stadium betrokken bij de door het college gedachte beleidsontwikkelingen en worden verrassingen en tijds- en andere keuzeproblemen bij het vaststellen van de begroting zoveel als mogelijk beperkt.

In de Kadernota 2020 wordt de richting bepaald voor het komende begrotingsjaar 2021 en het meerjarenperspectief 2022-2024. In deze Kadernota is rekening gehouden met het coalitieakkoord 2018-2022.

Het coronavirus heeft grote impact op burgers en bedrijven. Het is te vroeg om nu al een analyse te geven van effecten van het coronavirus op de economie. Dat verschillende sectoren (zwaar) geraakt worden is echter duidelijk.
De financiële positie van gemeenten staat al langer onder druk en de coronacrisis verslechtert deze positie verder door hogere kosten en derving van inkomsten. De VNG is met het kabinet in overleg hoe te komen tot compensatie van de kosten en inkomstenderving van gemeenten in deze crisis. In de meicirculaire zullen gemeenten geïnformeerd worden over (het proces van) de gesprekken over compensatie. Ook is gesproken over nadere afspraken rond de systematiek van samen trap op, samen trap af. Om te zorgen voor financiële stabiliteit in het gemeentefonds wordt door de VNG gepleit om het accres voor de rest van deze kabinetsperiode te bevriezen.
Daarnaast lopen de onderzoeken naar de structurele kosten voor de Jeugdzorg en de Herijking Gemeentefonds. De resultaten worden in het najaar verwacht. Met name de herijking van het Gemeentefonds kan grote gevolgen hebben voor de inkomsten Algemene Uitkering vanaf 2022. Met onze partners in het Land van Cuijk hebben wij afgesproken dit risico op de nemen in de risicoparagraaf.

De Provincie Noord-Brabant hanteert met betrekking tot het financieel toezicht het uitgangspunt dat de gemeente in aanmerking komt voor het reguliere repressieve toezicht wanneer de begroting 2021 reëel en structureel sluitend is. Mocht dit niet het geval zijn, dan dient de meerjarenbegroting 2022-2024 voldoende aannemelijk te maken dat dit evenwicht uiterlijk in 2024 wordt bereikt. Daarnaast dient zowel de jaarrekening 2019 (15 juli) als de begroting 2021 inclusief meerjarenprogramma (15 november) tijdig te zijn ingezonden. Echter door vaststelling van het herindelingsontwerp op 28 oktober 2019 en herzien op 9 april 2020 door de gemeenten Cuijk, Boxmeer, Sint Anthonis en Mill en Sint Hubert is van rechtswege het preventief financieel arhi-toezicht ingegaan. Dit toezicht blijft van kracht tot de ingangsdatum van de gemeentelijke herindeling. De Provincie heeft bij brief van 30 oktober 2019 een aanwijzingsbesluit ex artikel 21 Wet arhi genomen waarin besluiten zijn aangewezen die de goedkeuring van de Provincie behoeven. Het betreft besluiten die kunnen leiden tot nieuwe uitgaven, verlaging van bestaande inkomsten en vermindering van vermogen. Bij die besluiten wordt door de toezichthouder beoordeeld of deze besluiten invloed (kunnen) hebben op de financiële positie van de huidige en/of nieuw te vormen gemeente. Tevens geldt dat de begroting 2021 sluitend dient te zijn en kan niet gebruik worden gemaakt van een meerjarig sluitende begroting.

Coalitieakkoord 2018-2022

Het Coalitieakkoord 2018-2022 is u aangeboden in de raadsvergadering van 14 juni 2018. CDA, LOF en VDB/LO willen in deze bestuursperiode een aanvang nemen met een aantal landelijke ontwikkelingen die ook voor de gemeente Boxmeer actueel worden. Versneld gasloos bouwen, duurzaamheid, de energietransitie, bestrijding van wateroverlast, maar ook de vergrijzing en ontgroening en de daarmee onder druk gekomen leefbaarheid in de kernen, zijn uitdagingen die opgepakt moeten worden. Zorg, eenzaamheid, dementie zijn onderwerpen die het welzijn en de kwaliteit van leven bepalen en voor onze inwoners ingrijpende en verstrekkende gevolgen kunnen hebben.
Daarnaast wil Boxmeer een begin maken met de participatie-samenleving en de kernen- of meervoudige democratie. Het Coalitieakkoord is in 8 thema’s verder uitgewerkt:

  • Bestuur en Ondersteuning
  • Openbare werken
  • Economie en Ruimtelijke ontwikkeling
  • Financiën
  • Leefbaarheid
  • Sociale Zaken en werkgelegenheid
  • Duurzaamheid, klimaatadaptatie en innovatie
  • Veiligheid, vergunningverlening, toezicht en handhaving.

Financiële positie

Financiële positie

De begroting van de gemeente Boxmeer is reeds jaren structureel en reëel sluitend. De Provincie Noord-Brabant heeft ook inhoudelijk geen opmerkingen.

De daling van de solvabiliteit en de toename van de netto schuldquote in de periode 2010-2015 wordt veroorzaakt door forse investeringen in de grondexploitatie, onderwijsvoorzieningen, gemeentehuis en centrumvoorzieningen. Een bewuste keuze om het voorzieningenniveau en centrumfunctie van de gemeente Boxmeer te verbeteren. Vanaf 2015 zien wij dat de financiële positie van Boxmeer zich gestaag verbeterd. Vanaf 2015 heeft de schuldquote zich verbeterd van 1,32 naar 1,01 (31-12-2019) en de solvabiliteit van 0,25 naar 0,29. De ratio financieel weerstandsvermogen bedraagt per 31-12-2019 4,74 en is daarmee uitstekend te noemen.

De schuldenpositie en solvabiliteit blijven uiteraard een punt van aandacht, waarbij gestreefd wordt de positieve lijn voort te zetten.

In het Coalitieakkoord 2018-2022 zijn ten aanzien van de belastingdruk de navolgende uitgangspunten opgenomen:

  • OZB stijgt niet meer dan het landelijke geldende inflatiepercentage;
  • Afvalstoffenheffing is kostendekkend;
  • Rioolheffing stijgt alleen als dat noodzakelijk is voor de uitvoering van onvermijdelijke en dringende aanpassingen als gevolg van de klimaatveranderingen.

De atlas van de lokale lasten 2020 (bron: www.coelo.nl) laat voor meerpersoonshuishouden in de gemeente Boxmeer een belastingdruk zien van € 739 per jaar. Dit is een stijging van 3% ten opzichte van 2019. Het landelijke gemiddelde bedroeg in 2019 € 776 per jaar. Voor 2021 verwachten wij de volgende ontwikkelingen:

  • Voor de maximale OZB stijging wordt het inflatiepercentage CPI-jaarmutatie juli van het CBS aangehouden. De CPI-inflatie maart bedraagt 1,4%.
  • Voor de afvalstoffenheffing 2021 dient rekening te worden gehouden met de stijging die opgenomen is in de concept-begroting 2021 van BCA van € 105.000. Op basis hiervan zou de stijging van de afvalstoffenheffing 2021 ten opzichte van 2020 € 8 bedragen.
  • In de raadsvergadering van 30 april 2020 heeft de gemeenteraad ingestemd met het VGRP 2020-2024. In dit plan is opgenomen dat de rioolheffing in de periode 2021-2024 jaarlijks met 4,8% stijgt.