Programma 6 - Sociale zaken en werkgelegenheid

Programma 6 - Sociale zaken en werkgelegenheid

Portefeuillehouder: W.A.G.M. Hendriks - van Haren

Thema Jeugd

Wat willen we bereiken?

Een sluitende zorgstructuur voor jongere en gezin, door het bevorderen van samenwerking tussen verschillende instellingen.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Kinderen en jongeren groeien gezond en veilig op, ontwikkelen hun talenten en vinden hun weg in de samenleving.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Met inzet van de eigen kracht en het eigen netwerk van burgers en daar waar nodig met de maatschappelijke partners zorgen voor een sluitend netwerk rondom de (kwetsbare) burgers.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Wat heeft het gekost?

Jeugdzorg

De bijdrage voor de kosten van de Jeugdzorg aan NOB en LvC is voor 2020 is € 7.053.978 (2019 € 6.696.572). Van de middelen voor de transformatieopgave was begin 2020 € 319.769 over. Er is besteed in 2020 € 75.940. Middels een bestedingsvoorstel zal verzocht worden het restant van € 243.829 te kunnen besteden in 2021. Vanuit het Transformatiefonds heeft de gemeente voor drie jaren namelijk 2018, 2019 en 2020 jaarlijks €48.935 ontvangen. Onderstaande opstelling betreft de kosten en de opbrengsten van Jeugdzorg exclusief de interne personeelslasten.

 

Jeugdzorg 

 

begroot

kosten

verschil

Kosten NOB en LvC 2020

 

            7.074.098

7.053.978

20.120

Kosten SMI

 

                 50.000

57.521

-7.521

Onvoorzien

 

                 20.000

-1.103

21.103

"Kansrijke start" (sept.circ. 2020)

 

                  7.654

0

7.654

Transformatieopgave 2017

250.506

 

 

0

Transformatieopgave 2018

219.900

 

 

0

Besteding transformatie 2018 en 2019

-150.637

 

 

0

Totaal transformatieopgave 2020

 

319.769

75.940

243.829

Ontvangsten transformatiefonds

 

-48.935

-48.935

0

Totaal Jeugdzorg

 

7.422.586

7.137.401

285.185

 

Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na 2e berap Rekening 2020 Begroting 2020 -/- Rekening 2020
Lasten 6.916.132 7.571.890 7.286.741 285.149
Baten 52.715 48.935 48.935 0

Thema Inkomensvoorzieningen

Wat willen we bereiken?

Inwoners die (tijdelijk) niet in staat zijn om zelfstandig in hun levensonderhoud te voorzien optimaal ondersteunen door toepassing te geven aan de uitvoering van de beleidsregels bijzondere bijstand en minimabeleid.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Wat heeft het gekost?

De lasten en de baten zijn bij de uitkeringen BUIG, BBZ en TOZO onlosmakelijk met elkaar verbonden. In de toelichting worden deze daarom samen genomen.

Gebundelde uitkering, BUIG
Gemeenten ontvangen van het Rijk een gebundelde uitkering (BUIG) voor het bekostigen van de uitkeringen in het kader van de Participatiewet (Algemene bijstand), IOAW, IOAZ en Bbz 2004 levensonderhoud. Met ingang van 2020 zijn ook de middelen voor het Bbz-levensonderhoud van gevestigde, oudere en beëindigde zelfstandigen toegevoegd aan de gebundelde uitkering. Omdat de middelen voor het Bbz-levensonderhoud van beginnende zelfstandigen al onderdeel uitmaakten van de gebundelde uitkering, betekent dit dat nu het Bbz-levensonderhoud van alle zelfstandigen is opgenomen in de gebundelde uitkering.
Het definitief Buig budget voor 2020 is € 5.480.405 (2019 € 5.145.493). De uitgaven van 2020 zijn € 4.509.180 (2019 € 4.249.459). Een positief verschil van € 971.225. In 2020 is het gemiddeld aantal uitkeringsgerechtigden (algemene bijstand (voorheen WWB), IOAW en IOAZ) 282. In 2019 was het gemiddeld aantal 285. Het gemiddeld aantal personen met een loonkostensubsidie is 71, gelijk aan het aantal in 2019. Met de tweede algemene begrotingswijziging 2020 is de begroting incidenteel naar beneden bijgesteld met € 875.000. Het restant bedrag per einde jaar 2020 is nog € 96.225.

Met ingang van 2020 is de wet Bbz 2004 gewijzigd. Zoals hierboven aangegeven worden de kosten van levensonderhoud  zelfstandigen ten laste gebracht van de Buig. Voor 2020 werden de kosten van levensvatbaarheidsonderzoeken voor bedrijven voor 90% vergoed door hert rijk. Dit is niet meer het geval. De middelen voor deze onderzoeken zijn aan de algemene uitkering toegevoegd. Met ingang van 2020 geldt er voor de BBZ-kapitaalverstekking een nieuwe, vereenvoudigde financieringssysthematiek, waarin het financiële risico van het verstrekken van Bbz kapitaal in belangrijke mate is verlegd van het Rijk naar de verstrekkende gemeente. In het jaar volgend op de feitelijke Bbz-kapitaalverstrekking ontvangt de gemeente 100% van de financiering van het rijk. In de daaropvolgende vijf jaren vordert het rijk 75% terug van de gemeente. Per saldo ontvangt de gemeente van het Rijk dus 25% van het bedrag dat de gemeente heeft verstrekt als Bbz-bedrijfskapitaal. De gemeente mag alle terugontvangsten uit de kapitaalverstrekking (rente en aflossing) zelf houden. In 2020 zijn er geen kapitaalverstrekkingen gedaan in het kader van de Bbz 2004. In 2020 is er een bedrag van € 50.776 ontvangen van rente en aflossing vanwege vóór 1 januari 2020 verstrekt kapitaal. 

In het kader van de Tijdelijke overbruggingsregeling zelfstandige ondernemers (TOZO) is er in  2020 is er een bedrag aan inkomensondersteuning betaald van € 1.330.457. De verstrekte bedragen voor bedrijfskapitaal waren  € 176.106, De kosten zijn volledig gedekt met het TOZO budget van het Rijk. Voor de uitvoering van de TOZO regeling is er voor elk genomen besluit een vergoeding ontvangen, de totale vergoeding is € 225.250. Voor inhuur is een bedrag betaald van € 39.869. De inzet van de medewerkers in dienstverband is hoofdzakelijk binnen de bestaande formatie uitgevoerd. De Tozo regeling loopt nog door in 2021. Er wordt voorgesteld het restant bedrag van € 185.381 te kunnen besteden in 2021.

In 2020 zijn de kosten voor de Bijzondere bijstand € 410.103. T.o.v de begroting zijn de kosten € 147.309 lager. In 2019 waren de kosten € 420.019. 

 

Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na 2e berap Rekening 2020 Begroting 2020 -/- Rekening 2020
Lasten 5.796.413 7.590.504 7.183.671 406.833
Baten 5.280.256 6.889.400 7.134.804 -245.404

Thema Participatie

Wat willen we bereiken?

Door maatwerk worden mensen begeleid naar werk zodat de economische zelfstandigheid wordt bevorderd en sociaal-maatschappelijke deelname mogelijk blijft.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Wat heeft het gekost?

Re-integratie

De re-integratiekosten waren in 2020 € 474.253 ( 2019 €471.700). In 2020 is de btw op re-integratie trajecten als compensabel aangemerkt. De kosten voor re-integratie zijn hierdoor lager. Er resteert op deze post €25.500.

Inburgering

In de algemene uitkering is in 2020 een bedrag ontvangen van €31.500 voor eventuele kosten voor de invoering van de nieuw wet Inburgering per 1 januari 2021. Hiervoor zijn echter, exclusief de inzet van ambtelijke uren, geen kosten geweest waardoor er een bedrag resteert van € 25.543.

 

Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na 2e berap Rekening 2020 Begroting 2020 -/- Rekening 2020
Lasten 5.372.363 5.645.593 5.593.375 52.218
Baten 16.771 10.000 17.465 -7.465

Thema Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO)

Wat willen we bereiken?

In het kader van de nieuwe Wet Wmo per 1-1-2015 heeft de gemeente een brede verantwoordelijkheid voor de deelname van haar burgers aan het maatschappelijk verkeer.

Wat hebben we daarvoor gedaan?

Wat heeft het gekost?

Wmo innovatie

De kosten van Wmo innovatie waren € 96.581, ten opzichte van de begroting € 131.174 lager. De gemeente wil (burger)initiatieven op het gebied van de Wmo blijven stimuleren en ondersteunen.

Kleinschalig Collectief Vervoer

De kosten voor het Kleinschalig Collectief Vervoer (Regiotaxi) van € 153.984 zijn € 32.766 lager dan begroot. Door Covid-19 is er minder gebruik gemaakt van het WMO vervoer. Met de vervoerder zijn er afspraken gemaakt om de continuïteit van het vervoer te borgen. Tot 1 september is er een omzetgarantie van 80% gehanteerd. Vervolgens zijn er afspraken gemaakt over tarieven die mee fluctueren met het vervoersvolume. De reizigersbijdrage is € 11.215. Doordat er minder gebruik is gemaakt van het vervoer is er een tekort op de reizigersbijdrage van € 8.535. De totale kosten minus de reizigersbijdragen zijn voor 2020 € 142.769. In 2019 waren de kosten € 145.527.

PGB Wmo

De kosten voor de PGB Wmo zijn €30.305 lager dan begroot. Ten opzichte van 2019 zijn de kosten van de PGB met 12% gedaald. Begin 2020 waren er 50 PGB klanten en per einde van dat jaar waren er 44 klanten

Huishoudelijke Verzorging

De kosten van de Huishoudelijke Verzorging (HV) zijn in 2020 € 1.833.670 ( 2019 €1.609.202 en 2018 €1.354.577). Er was een bedrag begroot van € 1.835.000. Ten opzichte van 2019 zijn de kosten met bijna 14% gestegen. Het tarief is verhoogd met 3,6% om te (blijven) voldoen aan een reële (kost)prijs voor HV. Daarnaast hebben we een stijging gezien van het aantal geïndiceerde cliënten voor HV (gemiddeld t.o.v 2019 12%) als gevolg van een toenemende vergrijzing en de invoering van het zogenaamde abonnementstarief in 2019.

Begeleiding Wmo

De kosten voor de begeleiding Wmo bedragen € 2.323.205 (2019 € 2.242.847 en 2018 2.172.349) en deze zijn €39.219 lager dan begroot. In de kosten is een bedrag begrepen van meerkosten als gevolg van COVID-19 van € 42.697. Exclusief deze meerkosten is er een sprake van een stijging van 1,7% ten opzichte van 2019. De tarieven zijn gestegen met 2,58%. In 2020 is het aantal geïndiceerde cliënten voor begeleiding gedaald van 327 per 01-01-2020 naar 263 per 31-12-2020. 

Eigen bijdrage Wmo

De eigen bijdrage Wmo is € 18.473 lager dan begroot. De eigen bijdrage is groot € 128.067. Vanwege vertragingen bij het Centraal Administratie Kantoor (CAK) in het vaststellen van de eigen bijdragen, de stapelfacturen die als gevolg daarvan naar de cliënten werden gestuurd en de betalingsregelingen die het CAK daarop dan maakte, is de afdrachtenstroom vanuit het CAK in de loop van 2020 niet goed opgang gekomen. Een groot deel van de eigen bijdragen met betrekking tot 2020 zal ontvangen worden in 2021. De gemeente mag alleen de werkelijk ontvangen afdrachten verantwoorden in de jaarrekening.

 

Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na 2e berap Rekening 2020 Begroting 2020 -/- Rekening 2020
Lasten 7.445.721 8.304.603 7.991.326 313.277
Baten 462.361 181.290 155.909 25.381

Beleidskaders / richtlijnen

Beleidskaders / richtlijnen

 

Verordeningen / beleid

Wettelijke grondslag

Verbonden partijen

Kleinschalig Collectief Vervoer Brabant-Noordoost (Regiotaxi)

Doel:

De GR verricht diensten voor de aangesloten gemeenten en Provincie, overeenkomstig de gekregen opdrachten. De diensten betreffen verschillende vormen van personenvervoer die in opdracht van overheden worden verricht. De werkzaamheden bestaan uit contractbeheer, ontwikkeling binnen aangegeven kaders en ondersteuning van het bestuur. Geredeneerd vanuit de visie en de doelstellingen van de partners, leidt bundeling van vervoerstromen met soortgelijke eigenschappen tot regionaal voordeel.

Realisatie doel:

De uitvoering van collectief vervoer gebeurt binnen de financiële en kwalitatieve kaders.

Ontwikkelingen:

Covid-19 en de daarmee gepaard gaande maatregelen hebben ernstige consequenties voor het regiotaxivervoer. Het Rijk en de VNG hebben gemeenten opgeroepen de continuïteit van het vervoer ook na corona te borgen. De GR KCV heeft gehoor gegeven aan deze oproep door met vervoerder van de Munckhof afspraken te maken. Tot 1 september 2020 is er een omzetgarantie van 80% gehanteerd. Vervolgens zijn er afspraken gemaakt over tarieven die mee fluctueren met het vervoersvolume.

Beleidsvoornemens:

De continuïteit voor na de coronacrisis borgen.

 

Ga naar "Paragraaf Verbonden Partijen"

 

Werkvoorzieningschap Noordoost-Brabant

Doel:

Het voortzetten van een gemeenschappelijke voorziening ter uitvoering van de Wet sociale werkvoorziening evenals andere vormen van gesubsidieerde arbeid. Met name wordt daarmee bevorderd dat inwoners uit de regio Noordoost-Brabant met een grote afstand tot de arbeidsmarkt, hulp wordt geboden bij het verkrijgen van betaald werk.

Realisatie doel:

Het Werkvoorzieningschap heeft in afstemming met de deelnemende gemeenten, kwalitatieve en kwantitatieve afspraken gemaakt met IBN over de uitvoering van de Wsw. Deze worden jaarlijks vastgelegd in de 'sociaal-economische afspraken'.

Ontwikkelingen:

De Wsw wordt nog steeds gezien als een van de instrumenten die samen in onderlinge afstemming met re-integratie en andere vormen van gesubsidieerde arbeid, waaronder de Participatiewet en WMO-voorzieningen, moeten zorgen voor een zoveel mogelijk dekkende infrastructuur t.b.v. mensen die niet of vooralsnog niet op de reguliere arbeidsmarkt terecht kunnen, maar in aanmerking komen voor arbeid of dagbesteding. Van belang is dat de Wsw onderdeel blijft uitmaken van het gemeentelijk arbeidsmarktbeleid.
Eind 2016 zijn de gemeenten in de regio Noordoost-Brabant en IBN een partnership aangegaan om de krimpende Wsw uit te voeren. Hierin zijn gezamenlijke afspraken opgenomen voor de uitvoering van de Participatiewet. Vanaf 1 juli 2021 willen de gemeenten en IBN deze samenwerking verder verstevigen door een nieuwe overeenkomst voor onbepaalde duur aan te gaan. De gemeenteraad neemt hierover een besluit.

Beleidsvoornemens:

Verwezen wordt naar het bedrijfsplan van de IBN groep.

 

Ga naar "Paragraaf Verbonden Partijen"

 

Centrumregeling Wmo Wvggz Brabant Noordoost-oost

Doel:

De regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de gemeenten in de regio Brabant Noordoost-oost op het gebied van de doelmatige inkoop van ondersteuning in het kader van de Wmo volgens het systeem van bestuurlijk aanbesteden. Het gaat om de inkoop van de gedecentraliseerde taken individuele begeleiding, dagbesteding, kortdurend verblijf en vanaf 2020 inkooptaken in het kader van de Wvggz. Beschermd wonen en maatschappelijke opvang vallen financieel onder de verantwoordelijkheid van de gemeente Oss maar zijn in verband met een nauwe regionale afstemming onderdeel van de Centrumregeling.

Realisatie doel:

Met het oog op een goede uitvoering van de taken en opdracht zorgt de centrumgemeente Oss voor een regionaal Inkoopplan met uitgangspunten en doelstellingen.

Ontwikkelingen:

De samenwerking is in 2019 verlengd voor de duur van 4 jaar ( 2020 t/m 2023). In 2020 is de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg van kracht geworden. Het beleid en de regionale afstemming rondom deze wet is in 2020 onder de centrumregeling met Oss gebracht. De regionale gemeenteraden hebben hier in de loop van 2020 mee ingestemd. De centrumregeling heet nu ‘Centrumregeling Wmo Wvggz Brabant Noordoost-oost 2020’.

Beleidsvoornemens:

In 2015 zijn de voormalige AWBZ taken gedecentraliseerd naar de gemeenten. Om deze taken efficiënt en effectief uit te voeren hebben de gemeenten Bernheze, Boekel, Boxmeer, Cuijk, Grave, Landerd, Mill en Sint Hubert, Oss, Sint Anthonis en Uden gekozen voor een regionale samenwerking in de centrumregeling Wmo Brabant-Noordoost-oost. Deze centrumregeling is in 2019 verlengd en loopt formeel op 1 januari 2024 af. Deze periode sluit aan bij het nieuwe vastgestelde beleidskader voor de Wmo (Transformeren en doorontwikkelen). Voor de komende 4 jaar is afgesproken om de huidige regionale samenwerking bij de centrale inkoop van de nieuwe Wmo-taken voort te zetten en de de overige Wmo-taken lokaal te blijven organiseren en in te kopen.

 

Ga naar "Paragraaf Verbonden Partijen"

 

Centrumregeling Jeugdhulp Noordoost Brabant

Doel:

De regeling is aangegaan met als doel het behartigen van de belangen van de gemeenten op het gebied van de doelmatige inkoop van de individuele voorzieningen jeugdhulp, volgens het systeem van bestuurlijk aanbesteden.

Realisatie doel:

Met het oog op een goede uitvoering van de taken en opdracht zorgt de centrumgemeente voor een jaarplan Inkoop met uitgangspunten en doelstellingen.

Ontwikkelingen:

Op 1 januari 2015 zijn de gemeenten verantwoordelijk geworden voor bijna alle vormen van jeugdhulp. De basis van een duurzaam stelsel voor jeugdhulp is bij uitstek een lokale aangelegenheid van iedere afzonderlijke gemeente. Op het niveau van de regio Brabant Noordoost is besloten tot gezamenlijke inkoop van gespecialiseerde jeugdhulp.
Op 1 maart 2016 heeft het college besloten tot verlenging van de centrumregeling inkoop jeugdhulp met 3 jaar (tot 2020). Hiervan is de gemeenteraad in kennis gesteld.
Op 28 maart 2019 besloot de gemeenteraad het college toestemming te verlenen de genoemde centrumregeling 2020 aan te gaan. De centrumgemeente heeft mandaat en volmacht gekregen om in de geest van deze regeling voorbereidende taken uit te voeren ten behoeve van de inkoop van de jeugdtaken 2020-2024 en daartoe overeenkomsten te sluiten.

Ga naar "Paragraaf Verbonden Partijen"

 

Beleidsindicatoren

Recapitulatie Rekening 2020 - Programma 6

Wat heeft het gekost?

Exploitatie Rekening 2019 Begroting 2020 na 2e berap Rekening 2020 Begroting 2020 -/- Rekening 2020
Lasten
Thema Inkomensvoorzieningen 5.796.413 7.590.504 7.183.671 406.833
Thema Jeugd 6.916.132 7.571.890 7.286.741 285.149
Thema Participatie 5.372.363 5.645.593 5.593.375 52.218
Thema WMO 7.445.721 8.304.603 7.991.326 313.277
Totaal Lasten 25.530.629 29.112.590 28.055.113 1.057.477
Baten
Thema Inkomensvoorzieningen 5.280.256 6.889.400 7.134.804 -245.404
Thema Jeugd 52.715 48.935 48.935 0
Thema Participatie 16.771 10.000 17.465 -7.465
Thema WMO 462.361 181.290 155.909 25.381
Totaal Baten 5.812.104 7.129.625 7.357.113 -227.488